Bookbot

't Is al vrouwenwerk

refreinen van Anna Bijns

Parameter

  • 132 Seiten
  • 5 Lesestunden

Mehr zum Buch

Van Anna Bijns (1493-1575), levend en werkend te Antwerpen, is veel werk bewaard, voornamelijk in de vorm van refreinen: gedichten met een vaste slotregel per strofe die het thema aangeeft. Juist die ruime overlevering, zowel in handschriften als in gedrukte boeken, geeft aan hoezeer haar virtuositeit al tijdens haar leven erkenning vond. Maar ook in de moderne tijd wordt zij steeds weer opnieuw ontdekt. Heel recent bleken haar teksten ook identificatiemogelijkheden te bieden voor de vrouwenliteratuur. In hoeverre haar werk dat verdraagt is nog de vraag. Maar de uitbreiding van correctie van de traditionele beeldvorming is zeer welkom: al te lang is Anna Bijns weggestopt in de hoek van de reformatiestrijd, waarin zij voornamelijk een even bitse als bekwame voorvechtster van de orthodoxie zou zijn. Maar zij verdient een veel ruimere plaats in de Nederlandse letterkunde. Als niemand vóór haar weet zij een nieuwe literaire taal te scheppen, als instrument voor de emotionele en vakkundige

Buchkauf

't Is al vrouwenwerk, Herman Pleij, Anna Bijns

Sprache
Erscheinungsdatum
1987
Einband
(Paperback)
Wir benachrichtigen dich per E-Mail.

Lieferung

  • Gratis Versand ab 14,99 € in ganz Deutschland! Mehr Infos.

Zahlungsmethoden

Keiner hat bisher bewertet.

Titel
't Is al vrouwenwerk
Untertitel
refreinen van Anna Bijns
Sprache
Niederländisch
Erscheinungsdatum
1987
Einband
Paperback
Seitenzahl
132
ISBN10
9021405598
ISBN13
9789021405599
Reihe
Beschreibung
Van Anna Bijns (1493-1575), levend en werkend te Antwerpen, is veel werk bewaard, voornamelijk in de vorm van refreinen: gedichten met een vaste slotregel per strofe die het thema aangeeft. Juist die ruime overlevering, zowel in handschriften als in gedrukte boeken, geeft aan hoezeer haar virtuositeit al tijdens haar leven erkenning vond. Maar ook in de moderne tijd wordt zij steeds weer opnieuw ontdekt. Heel recent bleken haar teksten ook identificatiemogelijkheden te bieden voor de vrouwenliteratuur. In hoeverre haar werk dat verdraagt is nog de vraag. Maar de uitbreiding van correctie van de traditionele beeldvorming is zeer welkom: al te lang is Anna Bijns weggestopt in de hoek van de reformatiestrijd, waarin zij voornamelijk een even bitse als bekwame voorvechtster van de orthodoxie zou zijn. Maar zij verdient een veel ruimere plaats in de Nederlandse letterkunde. Als niemand vóór haar weet zij een nieuwe literaire taal te scheppen, als instrument voor de emotionele en vakkundige